Op 3 september verscheen het boek De balans van Bovenberg, geschreven door Tjerk de Reus. Het boek werd tijdens een symposium over 'waarden in de economie' overhandigd aan minister-president Jan Peter Balkenende. Zie het videoverslag en de toespraak van de minister-president.
***
,,Het kwaad is bedrieglijk gewoon"
In gesprek met Holocaust-overlevende Edgar Hilsenrath
Edgar Hilsenrath is al 83 jaar, maar voelt zich nogal altijd sterk. Even krachtig als zijn verhalen, die vaak over de gruwelen van nazi-Duitsland gaan, maar toch hoopvol zijn.
Door Rob van de Beek & Tjerk de Reus
Een bewolkte vrijdagmiddag in Berlijn, wijk Friedenau. We drukken op de bel in een straat waar Edgar Hilsenrath zou moeten wonen. Hilsenrath (1926) is jood, hij is overlevende van de Holocaust en schrijver van een respectabel literair oeuvre. In de jaren veertig verbleef hij in een getto in Oekraïne. Pas veel later, in Amerika, ontdekte hij dat hij schrijversbloed in de aderen had. Onlangs verscheen zijn roman De thuiskomst van Jossel Wasserman in het Nederlands, waarin het joodse leven in Oost-Europa van vòòr de Tweede Wereldoorlog centraal staat. Hilsenrath is een ‘living voice’: hij heeft zelf geleefd in de verdwenen wereld die hij beschrijft. We zullen dus een bijzonder mens ontmoeten. Maar het aanbellen bij zijn appartement lijkt vruchteloos: de deur blijft gesloten. Navraag doen bij de buren levert niets op. Het lijkt erop dat men hier geen idee heeft dat in dit appartementencomplex een belangrijk schrijver woont. Dan verschijnt er een krakende rolstoel op het tuinpad. De grijsaard herkennen we meteen van de foto’s. Het is Edgar Hilsenrath. Hij steekt zijn hand uit en heet ons welkom.
Edgar Hilsenrath is een bejaard man. Dat is hem aan te zien. Een beetje ineengedoken zit hij de op de sofa in zijn huiskamer, waarop hij zich genesteld heeft met behulp van zijn secretaris, de dertiger Ken Kubota. Tijdens het gesprek blijft Kubota erbij en levert desgevraagd commentaar op de vragen die we stellen. Hilsenrath steekt elk kwartier een sigaret op, waarin hij steeds maar nauwelijks slaagt. Toch gaat er in de zwak ogende oude heer een onvermoede veerkracht schuil. Hilsenrath was iets te laat vanwege een lezing die hij gehouden heeft in Rostock, ruim tweehonderd kilometer van Berlijn. Hij komt er net vandaan, zijn secretaris was zijn chauffeur. ,,Mooi dat er aandacht voor mijn werk is,” zegt hij tevreden. ,,Ik heb een lezing gegeven, met boeken gesigneerd. Mijn verzameld werk is prachtig uitgegeven, in elf banden. Nee, ik ben nu niet met een nieuw boek bezig. Of het er nog van komt, weet ik niet. Dat moeten we afwachten.”
Hilsenrath is rasverteller. Maar niet voor zijn hobby. Verhalen schrijven is voor hem een overlevingsmechanisme, iets als de ademtocht van het leven. Ook in zijn romans is het vertellen van verhalen vaak een thema dat expliciet bediscussieerd wordt. In De terugkeer van Jossel Wasserman bijvoorbeeld draait het in de proloog om het grote verschil tussen de vertelstemmen van de ‘geschiedschrijving’ en de ‘kleine kwebbelstemmetjes’ in het concrete leven. Welke verhalen zijn het belangrijkst? Hilsenrath: ,,De officiële geschiedschrijving geeft alleen abstracte feiten, grote lijnen en algemene begrippen. Het gaat mij om de hartenklop van de geschiedenis. Die zit vooral in de ‘kleine stemmetjes’, in wat mensen ervaren en voelen. In wat ze aan elkaar vertellen. Het gaat mij eerder om de mens dan om verheven ideeën.”
Hilsenrath is een getuige van een eeuw vol pijn en tragiek. Zijn verhalen cirkelen om een duister gat, waar wanhoop uit omhoog kruipt. Hij vindt het van levensbelang dat deze verhalen worden gehoord. Maar kunnen die verhalen op eigen benen staan? Nu is Hilsenrath nog een viva vox – een levende stem – maar over tien, hoogstens twintig jaar zal zijn generatie uitgestorven zijn. Voldoet het geschreven woord?
,,Ja, dat denk ik wel. De taal is sterk. Literatuur creëert beelden op het netvlies van de lezers. Metaforen bezitten een eigen kracht. In principe moeten lezers het ook zonder mij doen als ze het boek lezen. Het belangrijkste is dat de dingen waarover ik geschreven heb, niet vergeten worden. Literatuur is een strijd tegen de vergetelheid. De Oost-Europese wereld die ik beschrijf in De thuiskomst van Jossel Wasserman, heb ik zelf meegemaakt. Er is nu niets meer van over. Alles is verdwenen! Maar ik was er getuige van en heb het aan de vergetelheid proberen te ontrukken.”
De thuiskomst van Jossel Wasserman. Door Edgar Hilsenrath. Uitg. Anthos, € 21,95